Skip to content
Dit is mijn portfolio.

Ik ben Pino niet

Ik ben Pino niet, denk ik als een collega het heeft over hoe je iets ‘aanvliegt’. Het beeld van een boze zwaan die recht op me af komt gevlogen doemt op in mijn hoofd, en enige kans op een serieuze overweging van ‘hoe iets aan te vliegen’ vervliegt. Wat word je invalshoek, hoe ga je het benaderen? Ik weet wel dat dat bedoeld wordt. Maar ik blijf liever met beide benen op de grond. Ik vlieg niet aan, ik pak aan.

Het is slechts één van de termen die een hoge frequentie hebben in het communicatie-jargon. Daar is niks mis mee, want je collega’s weten toch wel wat je bedoelt. Sterker nog, ze gebruiken het zelf waarschijnlijk ook. Maar iemand moet ermee begonnen zijn. Iemand heeft ooit bedacht dat overleggen met een collega iets weg heeft van een bokstraining. Sindsdien ‘sparren’ we met elkaar over communicatiestrategieën. Haalt u even zo’n bokstraining voor de geest. De een verdedigt, de ander deelt tikken uit. Dat is geen dialoog. Degene die bedacht heeft dat het in plaats van het inmiddels bijna doodverklaarde ‘overleggen’ wel eens goed zou zijn om te ‘sparren’ met een collega stond waarschijnlijk niet open voor weerwoord.

Ik ben ervan overtuigd dat de term ‘look and feel’ iets is dat exclusief van deze tijd is. Het is de zakelijke variant van ijdeltuiterij. Aantrekkelijkhied vóór inhoud. Daarmee is niet gezegd dat het geen noodzaak is. Het is een tendens die alleen maar gevolgd kan worden om te kunnen overleven. Jammer alleen dat zoiets dan aangeduid moet worden met een Engelse term, terwijl de overlap met ‘uitstraling’ en ‘beleving’ groot is. Inmiddels is de term platgetreden tot op het punt waar het niet meer drie woorden zijn, maar slechts één woord is geworden: loekkenfiel. En dat werkt mij als afgestudeerd taalkundige op de zenuwen.

De veramerikanisering van ons taalgebruik, binnen en buiten het communicatievak, heeft ons pareltjes als ‘know-how’ opgeleverd, en treurige voltooid deelwoorden als ‘geüpdatet’. Ik heb geen Engels gestudeerd om het vervolgens ook in mijn moedertaal te moeten gebruiken. Er zou zo’n chauvinistisch Frans tegenoffensief moeten komen. Dat we nieuwe ‘Nederlandse’ woorden verzinnen om maar geen Engels te hoeven lenen en integreren in onze taal. Maar ja, hoe gaan we dat aanvliegen?

Dion van Alem
Dion van Alem Administrator

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *